Vandaag kwam in het nieuws dat Nederland het meest verdient aan de export van machines en machineonderdelen. In 2015 werd daar netto bijna €13 miljard op verdiend. Machines zijn al decennia de belangrijkste exportgoederen. Het aandeel in de totale export is de laatste jaren verder gegroeid tot 11,5 procent. Hoe slagen wij erin om te concurreren tegen lage lonen landen?

Ook in zomergasten van de VPRO zei Mark Rutte dat de Nederlandse Industrie erg belangrijk was voor de toekomst van ons land. Dat was een nieuw geluid! Onze regering heeft het al dertig jaar opgegeven een Industrieland te zijn. Van Aardenne, minister van Economische zaken, had het destijds over Nederland Distributieland en latere regeringen over het feit dat wij een exportland van landbouwproducten zijn, maar niemand had het erover dat wij een geweldig Industrieland zijn. Het leek wel of wij de hoop al hadden opgegeven om ooit tegen China en de lage lonen landen te kunnen concurreren.

Dat wij zo’n lage dunk van onze capaciteiten als industrieland hebben, is erg verwonderlijk als je weet hoe andere landen naar ons kijken en hoe wij in de wereld gezien worden als high tech en innovatief land. Wij zijn niet trots genoeg op onze industrie en de Kamer van Koophandel organiseert regelmatig bijeenkomsten om uit te leggen hoe wij met China om moeten gaan en  hoe wij onze productie naar lage lonen landen kunnen overdragen.

Ook low tech kan in Nederland blijven

En is het terecht dat wij niet kunnen concurreren tegen lage lonen landen? Het klinkt zo simpel: als wij met dezelfde aantal mensen in het buitenland tegen lagere loonkosten kunnen produceren, dan worden onze producten goedkoper toch? Fout! Wij moeten er voor zorgen dat de loonkosten hier lager worden door innovatief te zijn. Ook low tech kan in Nederland blijven als wij anders met zaken omgaan. Korte levertijden en weinig transportkosten, omdat we in de buurt van de klant zitten maakt ons product goedkoper. Het directe contact met de klant die kan helpen met innovatie en waarmee de communicatie zoveel gemakkelijker is, heeft ook een enorm voordeel.

Om bedrijven te helpen bij het inschatten van de kosten van het al dan niet outsourcen of terughalen van de productie heeft Tilburg University een reshoring tool ontwikkeld. Reshoring is ook populair in de Verenigde Staten en genereert daar jaarlijks 40.000 nieuwe arbeidsplaatsen.

Excellente producten die iedereen wil kopen

Ook Japan heeft enorm te lijden van de goedkope arbeidskrachten in buurland China. Wat hebben zij gedaan om hun industrie te steunen? Het Ministerie van Industrie and Trade (MIT) boog zich over dit vraagstuk en kwam met het advies dat Japanse bedrijven alleen kunnen overleven als ze producten gaan maken die ver boven het gemiddelde uitsteken. De term die ze gebruikten was Monozukuri. Mono betekent “ding” en Zukuri betekent het “maken”. Ze gingen zulke excellente producten maken, dat iedereen ze wil kopen.
Hoe doe je dat? Door te zorgen dat het meesterschap zover ontwikkeld wordt, dat je excelleert in alles wat je doet.
Wij kennen dat ook! In de middeleeuwen ontstond ons gildesysteem met de focus op meesterschap. Wij waren daar zo goed in, dat Nederland de hele wereld beleverde met producten. Een overblijfsel van ons vakmanschap is nog iedere dag te bewonderen in onze kathedralen die ook na 500 jaar nog steeds fier overeind staan.

En hoe doen we dat, concurreren tegen lage lonen landen?

Een prachtig voorbeeld is het Japanse bedrijf Omron in Den Bosch. Omron maakt Programmable Logic Controlers (PLC), een soort besturingscomputer voor machines. De toenmalige algemeen directeur kreeg te horen dat gezien de loonontwikkeling in Nederland, het bedrijf beter naar China kon worden overgedragen. Deze directeur nam daar geen genoegen mee en beloofde de directie van het hoofdkantoor, dat hij binnen twee jaar efficiënter en goedkoper zou zijn dan het bedrijf in China en dat hij dezelfde kwaliteit als de Japanse producten zou gaan leveren.

Een man, een plan en een drama!

Ik zeg altijd: “Voor verbeteren heb je drie dingen nodig: een man, een plan en een drama!”

Het drama was duidelijk: het bedrijf werd met sluiting bedreigd. Dus gingen ze volop aan de slag met Monozukuri. Ze bekeken alle processen, richtten verbeterteams op, bestudeerden verliezen, voerden LCIA (Low Cost Intelligent Automation) in, reorganiseerden de logistieke keten en richtten vooral de aandacht van het hele personeel op het proces. Binnen twee jaar had het bedrijf de doelstellingen bereikt. Inmiddels wordt er nu productie van China naar Nederland overgeheveld en zal binnenkort de omzet van Omron in Den Bosch verdubbeld zijn.

Zoals dit voorbeeld laat zien, is het niet voldoende om maar een beetje op de winkel te blijven passen, maar werkelijk stappen ter verbetering te ondernemen en Monozukuri over de volle breedte in te voeren. Dat geeft de Nederlandse Industrie die boost vooruit, waardoor wij ook in de toekomst onze welvaart kunnen waarborgen.

Bij vragen over de mogelijkheden, kun je me bereiken:
Steven Blom:  06 – 5316 4940  en  steven.blom@blomconsultancy.nl

Gerelateerd

>   Hoe zorg je voor een stabiele productie omgeving?

>   Hoe word je kapitein op het schip?

>   Hoe verbetert Boon Edam de output met 300 %?

>   Wat levert commitment en teamwork op bij NTS Mechatronics?

>   Famar: van registreren naar verbeteren